18
/09

Versoepeling coronalening

De Europese Commissie heeft PMV de toestemming gegeven om kleine bedrijven niet meer automatisch uit te sluiten voor een coronalening wanneer ze een onderneming zijn in moeilijkheden, voor zover ze inherent gezond zijn en een goed onderbouwd plan met duidelijke herstelkansen kunnen voorleggen. Daardoor kunnen beloftevolle kleine bedrijven waarvan het eigen vermogen gezakt is onder de helft van het kapitaal toch een beroep doen op de coronalening. Tot dusver diende PMV zich wel aan die Europese voorwaarde te houden bij de verwerking van de aanvragen.

PMV lanceerde op 5 mei 2020 een achtergestelde lening op drie jaar: de coronalening. De Vlaamse regering maakte daarvoor 250 miljoen euro vrij, met de mogelijkheid tot verhoging met 250 miljoen euro extra. Via PMV wil ze zo liquiditeits- en solvabiliteitsnoden helpen oplossen van inherent gezonde Vlaamse start-ups, scale-ups en KMO’s, die getroffen zijn door de COVID-19-crisis. De lening heeft een belangrijke staatssteuncomponent en werd goedgekeurd door de Europese Commissie onder het Temporary Framework rond Corona, mits een aantal voorwaarden. Een van die voorwaarden is dat ondernemingen die al vóór de coronacrisis ondernemingen in moeilijkheden (OIM) waren, uitgesloten zijn van de coronalening. De enige uitzondering hierop waren bedrijven die minder dan 3 jaar bestaan. Voor hen geldt die uitsluiting niet. Volgens Europa is een onderneming in moeilijkheden wanneer het eigen vermogen minder dan de helft is van het geplaatst kapitaal.

Kwalitatieve analyse

De Europese Commissie heeft PMV nu de toestemming gegeven om een bijkomende uitzondering te maken op het uitsluitingscriterium voor ondernemingen in moeilijkheden volgens de Europese definitie. Dankzij die uitzondering vormt het OIM-criterium géén uitsluiting meer voor kleine bedrijven (Europese definitie: minder dan 50 werknemers en omzet of balanstotaal van minder dan 10 miljoen) en kunnen zij in aanmerking komen voor een coronalening. De uiteindelijke beslissing om een coronalening toe te kennen blijft nog altijd het gevolg van een kwalitatieve analyse. Enkel bedrijven die intrinsiek gezond waren vóór de coronacrisis en die een duidelijk toekomstperspectief kunnen aantonen op basis van een onderbouwd businessplan, komen in aanmerking. Bedrijven die al vóór de crisis onvoldoende gekapitaliseerd waren, kunnen daarom uitgesloten worden voor de coronalening. Bedrijven uit de doelgroep kmo’s en zelfstandigen met een negatief eigen vermogen dat niet of onvoldoende wordt gecompenseerd door quasi eigen vermogen (zoals achtergestelde aandeelhoudersleningen) worden beschouwd als onvoldoende gekapitaliseerd.

Contact

Frank Kindt, communicatiemanager PMV - frank.kindt@pmv.eu - 0472/420790